Internet is het ultieme zelfbedieningskanaal. Nergens kunnen we zo snel, makkelijk en goedkoop transacties uitvoeren. Zoals CD’s kopen, vliegtickets boeken of parkeervergunningen aanvragen.
Verleiden op internet betekent dan ook: zelfbediening zo gebruikersvriendelijk mogelijk maken. Dat begint met een warm welkom op de homepage. 5 tips voor tekstschrijvers. Lees verder →
Artikelen in de rubriek 'Tips' ↓
5 tips voor een warm welkom op je homepage
5 maart 2008 — Tips
5 tips voor beter converterende landingspagina’s
10 december 2007 — Tips
Tijdens een live online presentatie gaf Anne Holland van onderzoeksinstituut MarketingSherpa een aantal tips voor dramatisch beter converterende landingspagina’s.
Lees verder →
Is je webtekst écht scanbaar?
26 november 2007 — Tips
Op internet moeten we scanbaar schrijven, want internetters lezen slecht. Dus gebruiken we samenvattende tussenkopjes. Strooien we met bullets. En houden we het kort. Maar wat kunnen we verder doen? 3 tips om webteksten nóg beter scanbaar te maken.
Lees verder →
Het belangrijkste tekstje op je website
30 oktober 2007 — Tips
De ‘tagline’ is een van de eerste dingen die je ziet op een website. Het is het tekstje bij het logo. Meestal maar enkele woorden lang. Het is denk ik het belangrijkste tekstje op je website. Lees waarom, en bekijk goede en slechte voorbeelden. Lees verder →
Schrijf nooit Welkom
27 september 2007 — Tips

Wat heb ik er een hekel aan. Die oergezellige kokosmatten, met Welkom erop.
Moet ik me daardoor nou echt welkom bij je voelen, door zo’n voetveeg bij je voordeur? Het veegt ook voor geen meter, maar daar gaat het niet eens om. Lees verder →
Ik weet het zeker, denk ik
21 september 2007 — Tips
Vandaag deel 1 in de serie: Zo schrijf je niet op internet. Slechte voorbeelden zijn stiekem soms nog leuker dan goede voorbeelden, toch? Lees verder →
Dood aan de disclaimer, leve de proclaimer!
8 september 2007 — Tips

Je legt je Gore-Tex-jas op de balie van de garderobe. Terwijl een medewerker ermee wegloopt, lees je het bordje boven de kapstokken.
“De directie aanvaardt geen aansprakelijkheid voor zoekgeraakte kledingstukken.”
Pardon? Je moet dus wel een euro betalen, maar hebt juridisch geen recht op een tegenprestatie.
Disclaimers als deze rukken op. Veel horeca-ondernemers maken zich er al lang schuldig aan. Maar inmiddels staat internet er ook vol mee. Bijna ieder bedrijf heeft er een in de header of footer van zijn website, naast het linkje naar de sitemap en de privacy-verklaring. Je weet maar nooit en er is toch geen hond die ze leest, hoor je ze denken.
Begrijpelijk? Ja, maar ik vind het onverstandig. Je probeert juridische problemen te voorkomen, maar creëert een ander probleem:
je klanten vertrouwen je niet meer.
Want de boodschap van de kleine lettertjes is duidelijk:
“Aan de verstrekte informatie op deze website kunnen geen rechten worden ontleend.”
Boodschap: “We beloven van alles, maar je mag ons er niet aan houden.”“We aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid voor het eventueel niet goed functioneren van deze website.”
Boodschap: “Als jij problemen krijgt doordat onze website niet goed werkt, hoef je niet bij ons aan te kloppen.“
Zelfs de overheid gebruikt inmiddels disclaimers. Bijvoorbeeld de gemeente Utrecht en de provincie Overijssel. Verontrustend. Want als de disclaimer van een bedrijf je niet bevalt, kun je altijd overstappen naar een concurrent. Bij overheden heb je die keus niet. Je zit aan ze vast, ook nadat ze je vertrouwen hebben geschaad.
De maat is vol, vindt Burger@overheid.nl, ‘het geweten van de e-overheid’. Sinds deze week roept dit internetforum burgers op om voorbeelden in te sturen van overheidsdisclaimers. Zij komen op een zwarte lijst.
Burger@overheid vraagt overheden en bedrijven die hun verantwoordelijkheid wél durven nemen om een proclaimer op hun site te zetten. Met daarin beloftes in plaats van uitsluitingen. De proclaimer van Burger@overheid zelf zegt:
“Burger@Overheid.nl is verantwoordelijk voor de inhoud van deze website, en doet er alles aan deze actueel en juist te houden. … Komt u desondanks toch iets tegen dat niet correct is of verouderd, dan stellen wij uw reactie bijzonder op prijs.”
Je zo kwetsbaar opstellen als organisatie is misschien eng. Misschien is het riskant. Misschien sputtert de bedrijfsjurist tegen. Maar zeker is één ding: de buitenwereld zal je meer vertrouwen. Bij zo’n bedrijf geef je die dure jas volgende keer graag weer af.
De gemeenten Nieuwegein en Rotterdam geven al het goede voorbeeld. Bedrijven met proclaimers kan ik nog niet vinden. Jij wel? Laat alsjeblieft een link achter in de reacties.
Update 30 oktober
Enkele dagen geleden is Ditzo live gegaan: de fatsoenlijke verzekeringsmaatschappij. Wie fatsoen claimt, neemt uiteraard verantwoordelijkheid voor zijn uitingen. En heeft dus geen disclaimer, maar een proclaimer. Ik heb de tekst hiervoor geschreven. Naar mijn weten is Ditzo de eerste Nederlandse online retailer met een proclaimer.
Verkoop je ziel niet aan SEO
1 september 2007 — Tips
Wil je gratis meer bezoekers via Google? Schrijf dan landingspagina’s met daarin populaire zoekwoorden waarop je gevonden wilt worden. Het is een gangbaar SEO-advies. Maar hoe ver kun je gaan zonder je merk te schaden?
Ik werk op dit moment samen met een van de grotere SEO-bureaus aan content voor een online retailer. Het bureau geeft een advies waarvan ik het nut betwijfel. De post The Art of SEO die deze week verscheen op Highrankings.com waarschuwt zelfs voor straf van Google.
Het SEO-bureau adviseert namelijk om verborgen landingspagina’s te maken. Het bestaansrecht van deze pagina’s zit hem erin dat ze zijn geoptimaliseerd voor populaire zoekwoorden. Ze hebben geen logische relatie met de rest van de content. Ze worden dan ook niet opgenomen in de navigatie. Natuurlijk moet er wel ergens een link zitten naar de site, anders kan de spider de pagina niet vinden. Dus komt er een link in de sitemap.
Een voorbeeld om het principe te verduidelijken. Een webwinkel verkoopt fietsen. Het SEO-bureau rapporteert de populairste zoekwoorden over fietsen: goedkope fiets en vergelijk fietsen. Het advies: schrijf voor elk van deze zoekwoorden een aparte landingspagina. Dat worden dus pagina’s met titels als: ‘Goedkope fiets via internet?’ en ‘Vergelijk fietsen voor toertochten’. Met in de eerste alinea en in de kopjes een paar keer de woorden ‘goedkope fiets’ of ‘vergelijk fietsen’.
De marketing manager krabt op haar hoofd. Zij verkoopt helemaal geen goedkope fietsen, maar topkwaliteit. En ze was niet van plan om een vergelijkingspagina op te nemen. Ze is de consumentenbond niet!
Volgens mij verkopen marketing managers en tekstschrijvers hun ziel aan SEO met dit soort verborgen landingspagina’s. Om 2 redenen:
- Verborgen landingspagina’s zijn te vergelijken met doping die nog niet op de lijst van verboden middelen is gezet. Dus: tot nu toe legaal, je kunt er ongestraft je voordeel mee doen. Maar net als de anti-dopingautoriteiten speuren zoekmachines voortdurend naar bedrog. Google hoeft zijn algoritme maar te veranderen en je pagina is plotseling zoekmachine-spam.
- Je website vertelt een verhaal over je merk. Iedere pagina moet je een stukje verder trekken het verhaal in. Op welke pagina je ook binnenkomt. Verborgen landingspagina’s die een ander verhaal vertellen zijn dus geen goed begin. Ze wekken verkeerde verwachtingen.
Natuurlijk moeten we wel landingspagina’s voor natural search blijven schrijven. Als we maar zorgen voor:
- Relevante, verleidelijke pagina’s die het verhaal van je merk vertellen.
- Pagina’s die niet overduidelijk geSEO’d zijn voor 1 keyword.
Verbergen is dan niet nodig. Gewoon in de navigatie hangen. Dit is content met een ziel!
Het bewijs: scrollen mag
31 juli 2007 — Tips

Spinazie opwarmen.
Op een zacht matras slapen.
Homepages maken die scrollen.
Vroeger mocht het niet, nu weten we beter.
Dat van dat scrollen wisten we eigenlijk al 10 jaar, maar op de een of andere manier wil het niet doordringen. Jakob Nielsen schreef namelijk in 1997: Scrolling now allowed. Internetgebruikers bleken toen al helemaal gewend aan scrollen.
(Ik denk mede dankzij het scrollwieltje op de muis. Mijn favoriete anti-RSI-innovatie. Hoor je nog weleens iemand over RSI? Scrollwieltje!)
Webdesigners en tekstschrijvers hebben dan ook nog altijd last van de mythe van de ‘vouw’. Die zegt dat alleen content die zichtbaar is zonder te scrollen aandacht krijgt van bezoekers. Veel opdrachtgevers geloven nog in die mythe.
Ondertussen stapelen de onderzoeksresultaten ten faveure van scrollen zich op. Boxes and Arrows maakt deze week de balans op. Milissa Tarquini legt uit dat een vouw best mag, mits:
- Boven de vouw duidelijk wordt waar de site over gaat.
- (Nog beter: de 5 vragen van Steve Krug worden beantwoord).
- De vouw duidelijk zichtbaar is doordat tekst en beeld worden afgesneden.
Waarom is dit goed nieuws?
- Items onderaan een pagina blijken erg goed te klikken.
De footer als nieuwe A-locatie? - Iedereen claimt een stuk van de homepage. Alleen had je daarvoor nooit genoeg ruimte. Nu wel.
Overigens ligt de vouw bij elke bezoeker ergens anders. Het ligt er maar net aan welke browser ze gebruiken, wat hun scherminstellingen zijn en hoeveel browser-toolbars ze hebben. Met het handige FoldSpy kun je zien waar de vouw op je homepage ligt voor welk percentage van je bezoekers.
O ja, voor wie gelooft in de mythe ‘Opgewarmde spinazie bevat nitriet’ is er Wikipedia.
Bezoekers van je homepage denken maar aan 5 dingen
23 juli 2007 — Tips
Een van de beste en bekendste adviesboeken over web usability is Don’t make me think van Steve Krug. Heb je nog niets gelezen over usability, begin dan met Krug. Het boekje is geestig, boeiend en inzichtrijk.

Krugs belangrijkste punt: voorkom dat bezoekers van je site een vraagteken boven hun hoofd krijgen. Alles moet gedachteloos duidelijk zijn. Of je nu de homepage bekijkt, een bestelling plaatst of diep doorklikt op weg naar detailinformatie.
Een passage in het boek heeft mij erg geholpen tijdens discussies over websites. Ik doel op de meest oeverloze discussies die webteams voeren: die over de homepage. Tijdens dit politieke steekspel tussen management en marketing kunnen basale usability-inzichten zoals die van Krug de lucht soms opeens klaren.
Volgens Krug heeft een bezoeker die voor het eerst op een website komt, namelijk 5 vragen in zijn hoofd. De homepage moet die 5 vragen in één oogopslag beantwoorden:
- Wat is dit?
- Wat hebben ze hier?
- Wat kan ik hier doen?
- Waarom moet ik hier zijn en niet ergens anders?
- Waar moet ik beginnen?
(Seth Godin schreef over deze laatste vraag trouwens een steengoed boekje)
Klinkt logisch, maar het gaat vaak fout. Een snelle rondgang over het web. Bij deze sites blijf ik met vragen zitten:
Homepages die alle 5 vragen van Krug beantwoorden:
Twee tekstjes op Home zijn essentieel bij het beantwoorden van de 5 vragen van Steve:
- Tagline. Dat is het mini-regeltje tekst bij je logo. Een van de belangrijkste tekstjes op een site. De tagline geeft de essentie van de site, plus de belangrijkste USP.
Een ultrakorte is die van kieskeurig.nl: Interactieve koopgids. - Welkom-tekst. Hoewel ik persoonlijk virtuele uitslag krijg van het woord Welkom op homepages, heeft Krug een punt als hij zegt dat een scherpe intro helpt om de meest basale vraag over elke website te beantwoorden: Wat is dit?
Het is hard zoeken naar echt geslaagde homepages. Wie kent er nog meer?
Bekijk een interview met Steve Krug (20 minuten).









